Een brief aan de gemeente van Efeze

26-12-2018

'Maar Ik heb tegen u, dat gij uw eerste liefde hebt verlaten, Op. 2:4.'

In ons eerste deel van de serie overdenkingen rond de zeven brieven aan de gemeenten, hebben we stilgestaan bij de opdracht die Johannes, de Apostel van de Heere Jezus Christus heeft gekregen. 'Schrijf, hetgeen gij gezien hebt, en hetgeen is, en hetgeen geschieden zal na dezen, Openb. 1:19.' In deze serie willen we stilstaan bij de inhoud van de zeven afzonderlijke brieven die gericht waren aan de gemeenten van Efeze, Smyrna, Pergamum, Thyatira, Sardis, Filadelfia en Laodicea, allen in volgorde gelegen langs de handelsroute. Het getal zeven is het getal van de volmaaktheid en de inhoud van deze brieven is niets anders dan een recept van de hemelse Heelmeester voor de gemeenten van toen en vandaag. We zullen ontdekken dat iedere naam van de gemeente een betekenis heeft en de brieven over het algemeen een eerbewijs, verwijt, advies en een belofte bevatten. De boodschap die zo'n 2000 jaar geleden tot de gemeente kwam is tot op vandaag meer dan het overdenken waard. Een belangrijk detail mag ons niet ontgaan. Als er geschreven wordt aan een gemeente dan moeten wij beseffen dat dit een samenkomst was van wedergeboren gelovigen met daartussen hypocrieten die zich uitgaven voor gelovigen maar het niet waren. Alleen deze gedachte geeft ons al veel te denken. Bestaan de gemeenten van vandaag ook uit wedergeboren gelovigen met daartussen hypocrieten of bestaan er vandaag gemeenten waarbij men niet hypocriet hoeft te wezen maar gewoon deel kan uit maken van de gemeente zonder wedergeboorte? Moeten er vandaag in de gemeenten hypocrieten ontmaskerd worden of moeten wij constateren dat wij gemeenten bouwen op een ander fundament dan Jezus Christus en Dien gekruisigd? Groeien de gemeenten vandaag door natuurlijke geboorte of door wedergeboorte? Laten wij bij het onderzoeken van de boodschappen onszelf verootmoedigen voor de Heere en luisteren naar dat wat Hij tot ons te zeggen heeft. Dankbaar zullen wij Zijn lofprijzingen ontvangen en op Zijn verwijt zullen wij onszelf onderzoeken en terugkeren tot de Bron van het leven. Zolang de boodschap tot bekering klinkt is er hoop op herstel, want Hij die roept is getrouw, Hij ontvangt zondaren die zich tot Hem bekeren. Maar pas op; wee hen die zich niet bekeren. Straks zal de tijd van genade gesloten worden en zullen zij die zich niet hebben willen bekeren, Zijn rechtvaardig oordeel ontvangen.

Laten we stilstaan bij de inhoud van de eerste brief: 'Schrijf aan den engel der Gemeente van Eféze: Dit zegt Hij, Die de zeven sterren in Zijn rechter hand houdt, Die in het midden der zeven gouden kandelaren wandelt: Ik weet uw werken, en uw arbeid, en uw lijdzaamheid, en dat gij de kwaden niet kunt dragen; en dat gij beproefd hebt degenen, die uitgeven, dat zij apostelen zijn, en zij zijn het niet; en hebt ze leugenaars bevonden; En gij hebt verdragen, en hebt geduld; en gij hebt om Mijns Naams wil gearbeid, en zijt niet moede geworden. Maar Ik heb tegen u, dat gij uw eerste liefde hebt verlaten. Gedenk dan, waarvan gij uitgevallen zijt, en bekeer u, en doe de eerste werken; en zo niet, Ik zal u haastelijk bij komen, en zal uw kandelaar van zijn plaats weren, indien gij u niet bekeert. Maar dit hebt gij, dat gij de werken der Nikolaïeten haat, welke Ik ook haat. Die oren heeft, die hore wat de Geest tot de Gemeenten zegt. Die overwint, Ik zal hem geven te eten van den boom des levens, die in het midden van het paradijs Gods is, Openb. 2:1-7.'

De eerste brief is gericht aan de engel van de Gemeente van Efeze, één van de sterren die wij zagen in de rechterhand van Hem Die stond tussen de gouden kandelaren. De engel of de oudste, ontvangt een brief uit de hemel, gericht aan zijn gemeente die als een kandelaar mag branden. De naam Efeze betekent wenselijk of begerenswaardig. Een gemeente in een welvarende stad waarin Diana de godin van de jacht en de maan vereerd werd. De Tempel van Diana der Efeziërs is bekend als één van de zeven wereldwonderen. Groot was de godsdienst en de eerbied rond deze godin Diana of Artemis. Terwijl Efeze werd gezien als de bewaarplaats van deze heilige tempel en de plaats waar het beeld uit de hemel was komen vallen, keerde Paulus zich openlijk tegen deze godsdienst door te zeggen dat het geen goden zijn die met de hand gemaakt zijn. Luid heeft de roep uit de grote mensenmassa geklonken: "Groot is de Diana de Efezeren! Hand. 19:28,34" Paulus was zijn leven niet zeker vanwege de woede die ontstond onder deze godsdienstige vijanden van de levende God.

Te midden van deze afgoderij is er ook een gemeente van de levende God. Daar zijn er die samenkomen rondom het Woord, door samen te zingen, te bidden, het brood te breken en zich te verblijden in de zaligheid die zij door genade hadden ontvangen. Deze gemeente was ontstaan doordat gelovigen elkaar opzochten om samen de dood en opstanding van hun Zaligmaker te gedenken, zij hebben uitgezien naar de komst van hun Heere en Heiland, Die straks voor eens en voor altijd een einde zou maken aan elke macht die zich verhief tegen hun God en Vader.

De gemeente wordt geprezen om haar werken, haar standvastigheid en het feit dat zij het niet konden verdragen dat er in hun gemeente binnenslopen die zich uitgaven voor broeders en of zusters terwijl zij het niet waren. De toets van Gods Woord wees uit dat zij leugenaars waren, er waren er die zich uitgaven voor apostelen maar de gemeente van Efeze moest niets van hun kwade bedoelingen hebben. Ondanks deze beproevingen en verdrietige omstandigheden is de gemeente staande gebleven, zij wordt geroemd vanwege het geduldig volhardden om de Naam van de Heere Jezus. De Heere Jezus roemt een gemeente die standvastig is en het Woord van onze God hoger acht dan de zogenaamde lieve vrede waarbij water bij de wijn wordt gedaan en langzaam maar zeker de dood gaat overheersen over het leven.

De gemeente van Efeze liet zich niet vangen door mooie woorden maar was standvastig in de leer. Maar ach, helaas, hoe scherp klinkt hier het verwijt van de Heere Jezus: 'Ik heb tegen u, dat gij uw eerste liefde hebt verlaten'. De ervaring in Efeze had de mensen scherp gemaakt, ze waren standvastig in de leer, hadden een scherp onderscheidingsvermogen en lieten zich niet overheersen door de valse Nikolaïeten. Nee, zij haten de werken van deze Nikolaïeten en worden hierom geroemd door de Heere Jezus, Die zegt dat ook Hij deze werken haat. De Nikolaïeten waren een secte die een zogenaamde vrijheid van de wet leerde, waarbij ontucht en het eten van afgodenoffer gerechtvaardigd werd. 'Nikao' betekent overwinnen en 'laos' betekent leken. De Nikolaïeten wilde in de gemeente heersen over het eenvoudige volk. We zien vandaag hoe dit uitgegroeid is tot een systeem van overheersing waarbij de leek onkundig blijft en de overheersers domineren en de waarheid in pacht hebben. Als gevolg hiervan is het gezonde gemeenteleven haast overal vervallen tot een systeem van dode orthodoxie. Juist deze werken worden door de Heere Jezus gehaat. Let wel, hier wordt niet gezegd dat Hij de mensen haat, nee, Hij haat hun werken. God wil gediend worden door ware aanbidders in geest en in waarheid (Joh. 4:24) en niet in religie of door een dode letter.

Maar ach Efeze, ondanks jullie scherpe onderscheidingsvermogen en jullie standvastigheid in de leer, is het alles zo dor en mat geworden. Waar is jullie eerste liefde? Waar is die aanbidding in gebrokenheid en dat sterke verlangen om in alles jullie Heiland te volgen? Waar is dat hart vol liefde tot jullie naaste en het verlangen dat zij allen de zaligheid in de Heere Jezus kennen? Denk eens aan dat begin toen jullie net tot geloof kwamen, hoe teer was het hart, hoe vreugdevol was het om samen één te zijn rondom jullie Heere, Heiland en Verlosser. Zie eens wat ervan geworden is, ondanks al jullie standvastigheid is het alles maar een droge boel. De leer is zuiver maar het leven is haast verdwenen.

De gemeente van Efeze is aan het sterven, het leven vloeit weg en dan klinkt daar die boodschap uit de hemel: 'Gedenk dan, waarvan gij uitgevallen zijt, en bekeer u, en zo niet, Ik zal u haastelijk bijkomen, en zal uw kandelaar van zijn plaats weren, indien gij u niet bekeert' Bekeert u gemeente, bekeert u opdat het licht niet zal doven. Kom, broeders en zusters sta op, keer terug tot uw eerste liefde, verheerlijk Zijn Naam en laten wij opnieuw die werken doen waarmee wij begonnen. Het onderscheidingsvermogen is van levensbelang, de zuiverheid in het naleven van Gods Woord niet minder, maar wat is het alles als het zonder liefde, leven en afhankelijkheid is? 'Die oren heeft, die hore wat de Geest tot de Gemeenten zegt. Die overwint, Ik zal hem geven te eten van den boom des levens, die in het midden van het paradijs Gods is.' Broeders en zusters, de boodschap aan de gemeente van Efeze komt vandaag tot ons. Zullen wij overwinnen of zal het licht doven vanwege de verstrikkingen in leerstellingen, meningen en twisten? Kom, de oproep klinkt met een belofte. Laten wij onze knieën buigen, onze zonden belijden, het verbond vernieuwen door ons opnieuw geheel over te geven aan Zijn liefde, volgend in gehoorzaamheid. Dan, ja dan zullen wij straks overwinnend ingaan en eten van de boom des levens die staat in het midden van het paradijs van onze God. Amen.

Geen macht der hel kan ons van Jezus Christus scheiden.

Geen wereld, leven, dood, geen strijd, geen moeite of lijden.

Hij heeft ons lief, die Heer, die dood en hel verwon;

Hij, die aan Satan zelf de doodsteek geven kon.

Nu is ons hart verheugd; Hij bracht ons altegader,

gereinigd door zijn bloed, in de armen van de Vader.

Al onze schuld heeft Hij voor eeuwig weggedaan,

ons uit de dood verlost, ten leven op doen staan.

O, broeders, laat ons Hem, de overwinnaar, loven.

Verheffen wij vol vreugd' ons hart tot Hem naar boven,

waar Hij gezeten is aan 's Vaders rechterhand,

waar Hij ons allen wacht in 't hemels vaderland.

Nog slechts een korte tijd, en Jezus zal verschijnen;

dan zien wij Hem vol glans in 't midden van de zijnen,

Hem, die geheel zijn hart aan ons heeft toegewijd,

ons overwinnaars maakt in onze aardse strijd.


Wilco Vos Veenendaal 09-02-2016