Woorden van Jezus – De satan heeft u zeer begeerd om te ziften als de tarwe

27-02-2020

'Toen zeide Jezus tot hen: Gij zult allen aan Mij geërgerd worden in dezen nacht; want er is geschreven: Ik zal den Herder slaan, en de schapen der kudde zullen verstrooid worden. Maar nadat Ik zal opgestaan zijn, zal Ik u voorgaan naar Galiléa. Doch Petrus, antwoordende, zeide tot Hem: Al werden zij ook allen aan U geërgerd, ik zal nimmermeer geërgerd worden. Jezus zeide tot hem: Voorwaar, Ik zeg u, dat gij in dezen zelfden nacht, eer de haan gekraaid zal hebben, Mij driemaal zult verloochenen. Petrus zeide tot Hem: Al moest ik ook met U sterven, zo zal ik U geenszins verloochenen! Desgelijks zeiden ook al de discipelen, Matth. 26:31-35.'

Jezus heeft met de Zijnen het laatste avondmaal genoten. Het brood heeft Hij gebroken en gewezen op Zijn lichaam dat gebroken zou worden. Ook zegende Hij de drinkbeker van het Nieuwe Verbond en wees op Zijn bloed dat vergoten zou worden tot vergeving van de zonden.

Wat zal er door Zijn discipelen zijn heengegaan? Hun Meester had nu zoveel gesproken over Zijn lijden en sterven, Hij zou overgeleverd worden ja zelfs verraden worden door één uit hen. Allen hadden zij gevraagd: "Ben ik het Heere?" En terwijl waarschijnlijk niemand het echt bijzonder opviel dat Judas niet in hun midden was, trokken zij op naar de Olijfberg.

Hoe pijnlijk klonken de woorden van Jezus, Zijn discipelen in de oren: 'Gij zult allen aan Mij geërgerd worden in dezen nacht.' In de nacht die nu op deze bijzondere maaltijd zou volgen, zouden zij allen geërgerd worden aan hun Meester. Want in deze nacht zou de profetie van Zacharia haar vervulling vinden. 'Zwaard! ontwaak tegen Mijn Herder, en tegen den Man, Die Mijn Metgezel is, spreekt de HEERE der heirscharen; sla dien Herder, en de schapen zullen verstrooid worden; maar Ik zal Mijn hand tot de kleinen wenden, Zach. 13:7.' 'Maar Ik zal Mijn hand tot de kleinen wenden', En Jezus vervolgt: 'Maar nadat ik zal opgestaan zijn, zal Ik u voorgaan naar Galilea.' Vannacht zal de strijd tot haar hoogtepunt komen, vannacht zal er iets met hun Meester gebeuren waarop de dood zal volgen. Wat een ieder ook denkt van deze woorden, Petrus kan zijn mond niet houden: 'Al werden ze ook allen aan U geërgerd, ik zal nimmermeer geërgerd worden.' Vol overtuiging gaf Petrus deze belijdenis waarmee hij getuigt dat hij zijn eigen hart nog zo weinig kent. Zijn liefde tot Zijn Meester was zo echt, zo oprecht en vurig, nee Hij zou Hem nooit verlaten. In Lukas 22 zegt Petrus dat hij bereid is met Zijn Meester in de gevangenis en in de dood te gaan. Net daarvoor had Jezus hem gezegd: 'Simon, Simon, de satan heeft ulieden zeer begeerd om te ziften als de tarwe. Maar ik heb voor u gebeden, dat uw geloof niet ophoude; en gij, als gij eens zult bekeerd zijn, zo versterk uw boeders, Luk. 22:31,32.'

In de achterliggende tijd was er al veel op hen afgekomen, satan heeft alles in het werk gesteld om de discipelen te doen twijfelen aan hun Meester. Het was satan te doen om de dood van Jezus, alles heeft hij geprobeerd om de mond van Jezus te snoeren. Jezus kende de strijd in de gedachten en emoties van Zijn volgelingen. Hij besefte als geen ander waar zij door heen gingen in deze dagen van verwarring. Petrus lag onder vuur, de satan probeerde hem te ziften als de tarwe met het doel hem tegen Jezus te keren of in ieder geval van Hem af te keren. 'Maar', zo klinkt het heerlijke woord uit de mond van het Woord des Levens. 'Ik heb voor u gebeden, dat uw geloof niet ophoude.'

Wat een zegen om een biddende Heiland te kennen. Wat een rijkdom om door Zijn gebed gezegend te worden. Petrus had niet in de gaten dat hij in al zijn vuur en ijver, vallen zou, en zich tegen zijn Meester zou keren om nooit weer terug te keren, tenzij Zijn Meester Hem bewaarde. Vrienden, misschien herkent u iets van die liefde van Petrus tot Jezus. Ook u hebt het vurige verlangen om al de dagen van uw leven Hem te volgen. Weet dan dat er een satan is die ook u zal ziften als de tarwe, met dat doel dat u teleurgesteld zult worden om terug te keren in de weg die u bewandelde voordat u ten koste van alles Jezus wilde volgen. Zie dan omhoog en weet dat Jezus ook vandaag als Hogepriester bidt. Strijd de goede strijd en besef dat u net als Petrus niet zonder de genade van Jezus kunt.

Petrus had alles opgegeven, hij had in Jezus alles gevonden wat hij begeerde. Nooit zou hij Hem laten gaan, nooit zou hij toelaten dat wrede handen zijn Meester zouden grijpen, gevangen nemen en doden. Hij zou voor zijn meester door het vuur gaan. Hoewel deze liefde niet te bestraffen is, getuigen zijn blinde ijver en te snel gesproken woorden er van dat hij nog niet besefte dat Hij zonder Jezus niets doen kon. Hij besefte nog steeds niet dat hij met al zijn vuur een vijand was van het kruis van Christus. Terwijl hij beleed wel met Jezus de dood in te willen gaan, kon hij niet denken dat hij straks zover zou komen dat hij Jezus zou verloochenen. Wat anderen ook zouden doen, hij niet, al werden ze ook allen aan Jezus geërgerd, hij niet. Hoor de woorden van Jezus: 'Voorwaar Ik zeg u, dat gij in dezen zelve nacht, eer dat de haan gekraaid zal hebben, Mij driemaal zult verloochenen.'

Voor de nieuwe morgen, ja voor het gekraai van de haan zou Petrus zijn Meester drie keer verloochenen. Valt Petrus nu zijn Meester om de nek, vraagt hij Hem om bescherming of onderwijs wat hij moet doen om staande te blijven? Nee, hij zegt: 'Al moest ik ook met u sterven, zo zal ik U geenszins verloochenen.' ook de andere discipelen getuigen hetzelfde. Niemand van hen zou hun Meester verlaten.

Als wij deze woorden tot ons laten inwerken, dan is de les die wij mogen leren, dat we niet hoofdschuddend naar Petrus of de andere discipelen wijzen maar onszelf de vraag stellen of ook wij Jezus liefhebben, zo lief dat wij met Hem willen sterven.

De discipelen wisten voor het kruis nog niet wat wij nu weten. Wij hebben de Bijbel van Genesis tot Openbaring waarin wij nu helder kunnen zien wie Jezus is, wat Hij heeft gedaan, wat Hij doet en nog doen zal. Voor ons klinkt als het ware nog de echo van het kruis: 'Het is volbracht.' De discipelen konden dat toen nog niet ten volle weten. Zij zagen in het geloof op God en Zijn beloften en mochten wandelen met het Lam dat geslacht zou worden voor de zonden. De vraag aan u en mij is of wij vandaag willen wandelen in het spoor van het Lam, willen wij Jezus volgen in een leven waarbij wij het ons door God opgelegde kruis willen dragen of verkiezen wij ons eigen leven uit te stippelen? In de wereld zullen allen die Jezus lief hebben, net als Hem, vervolgd en verdrukt worden. U en ik zullen, als wij Jezus liefhebben, gezift worden als de tarwe. Satan zal alles in het werk stellen om ons te doen wankelen, te doen vallen en te doen wanhopen aan God en Zijn genade. Hij zal alles in het werk stellen om ons verbitterd te maken op God, mensen en omstandigheden zodat wij de duisternis verkiezen boven het licht en de dood zullen verkiezen boven het leven.

Vrienden, als u Jezus nog niet kent als uw Zaligmaker, maak dan ernst, misschien is het morgen te laat. Wie u ook bent, wat u ook gedaan hebt, niemand is te zondig, te slecht of te vroom om tot Jezus te komen, bij Hem alleen is volkomen vergeving en eeuwig leven te vinden. Hij roept zondaren tot bekering opdat zij tot Hem zullen komen en rust zullen vinden. Besef dat zolang u niet weet dat uw zonden u zijn vergeven om Jezus wil, u een gewillige prooi bent in de handen van satan. Maar besef ook dat als u inziet dat u buiten Jezus verloren gaat, ook dan de satan u niet gemakkelijk zal laten gaan. Maar weet dat de Bijbel zegt: 'Want een iegelijk die den Naam des HEEREN zal aanroepen, zal zalig worden, Rom. 10:13.' Satan is machtig maar God is Almachtig. Als u tot God roept, weet dan dat Hij u hoort.

Broeders en zuster, strijd de goede strijd, zie omhoog en weet dat uw verlossing nabij is. Laten wij van Petrus leren dat wij onszelf te gemakkelijk verheffen boven anderen. Te denken dat anderen zullen afvallen dat is niet zo moeilijk, maar te beseffen dat wij zelf een arglistig hart hebben, dat wordt helaas maar al te vaak alleen door de ondervinding geleerd. Broeders en zusters, hebt goede moed, in de wereld zullen wij verdrukking hebben, maar weet dat Jezus de wereld heeft overwonnen. Laten wij met Petrus belijden met onze Heiland te willen sterven, waarbij wij omhoog zien en bidden om Zijn bijzondere bescherming, liefde en genade. Laat de echo klinken: 'Zonder Mij kunt gij niets doen.' Maar ook: 'Ik heb voor u gebeden, dat uw geloof niet ophoude.' Amen. Wilco Vos Veenendaal 11-02-2020