Woorden van Jezus – Uit u worde geen vrucht meer in der eeuwigheid

23-08-2019

'En des morgens vroeg, als Hij wederkeerde naar de stad, hongerde Hem. En ziende, een vijgeboom aan den weg, ging Hij naar hem toe, en vond niets aan denzelven, dan alleenlijk bladeren; en zeide tot hem: Uit u worde geen vrucht meer in der eeuwigheid! En de vijgeboom verdorde terstond. En de discipelen, dat ziende, verwonderden zich, zeggende: Hoe is de vijgeboom zo terstond verdord? Doch Jezus, antwoordende, zeide tot hen: Voorwaar zeg Ik u: Indien gij geloof hadt, en niet twijfeldet, gij zoudt niet alleenlijk doen, hetgeen den vijgeboom is geschied; maar indien gij ook tot dezen berg zeidet: Word opgeheven en in de zee geworpen! Het zou geschieden. En al wat gij zult begeren in het gebed, gelovende, zult gij ontvangen, Matth. 21:18-22.'

We zagen dat Mattheüs de geschiedenis van de twee blinden te Jericho in één verhaal samenvatte zonder daarbij concessie te doen aan de wezenlijke inhoud van de geschiedenis. Zo ook de geschiedenis waar we nu bij stilstaan. Markus beschrijft hoe Jezus, op weg naar de tempel, honger heeft en uit de verte een vijgenboom ziet die vol in het blad staat. Hoewel de tijd van de vijgenoogst er nog niet is, ziet de boom er veelbelovend uit. Maar als Jezus bij de vijgenboom is aangekomen, blijkt de boom alleen maar bladeren te hebben en geen vruchten. Daar staat de Schepper van hemel en aarde, hongerig als een nietig mens en begerig naar de vruchten van de veelbelovende boom. Dan klinkt Zijn vervloeking: 'Uit u worde geen vrucht meer in der eeuwigheid.' Markus beschrijft hoe Jezus de tot een rovershol geworden tempel reinigt van ongerechtigheid en hoe Hij samen met Zijn discipelen de volgende dag langs de vervloekte vijgenboom komt. Zij zien hoe de hele boom vanaf zijn wortel is verdord. Petrus zegt: 'Rabbi, zie, de vijgenboom, dien Gij vervloekt hebt, is verdord.' Waarop Jezus antwoord: 'Hebt geloof op God. Want voorwaar zeg Ik u, dat, zo wie tot dezen berg zal zeggen: Word opgeheven en in de zee geworpen; en niet zal twijfelen in zijn hart, maar zal geloven, dat hetgeen hij zegt, geschieden zal, het zal hem geworden, zo wat hij zegt. Daarom zeg Ik u: Alle dingen, die gij biddende begeert, gelooft, dat gij ze ontvangen zult, en zij zullen u geworden, Mark. 11:22-24.'

De vijgenboom, een symbool van zegen en welvaart, in de Bijbel vaak samen genoemd met de wijnstok. De zoete saprijke vruchten zijn heerlijk vers te eten, maar ze zijn ook te drogen om bijvoorbeeld als koeken gegeten te worden. In de hof van Eden maakte Adam en Eva schorten van vijgenboombladeren om hun naaktheid te bedekken. Men schreef geneeskrachtige werking toe aan de vrucht van de vijgenboom, denk aan de zieke Hizkia die het advies van Jesaja kreeg om een klomp vijgen te nemen en dat als pleister op het gezwel te leggen zodat het genezen zou worden.

De vraag zou kunnen opkomen waarom Jezus de vijgenboom vervloekt. Wat kan die boom er nu aan doen dat er geen vruchten zijn? Het lijkt een beetje alsof de hongerige Jezus uit een soort teleurgestelde boosheid de boom vervloekt. Moeten alle volgelingen van Jezus dan maar vervloeken als iets anders gaat dan verwacht? Had Jezus, Gods Zoon en Schepper van hemel en aarde niet gewoon een zegen over de boom kunnen uitspreken zodat Hij er samen met Zijn discipelen heerlijk van had kunnen eten? Natuurlijk was dit mogelijk geweest, Hij die de aarde, de zon, maan en sterren heeft geschapen en er tot op de dag van vandaag voor zorgt dat zij in de hun gezette baan boven de aarde cirkelen als tekenen van Zijn trouw en almacht, ja Hij die ons mensen zo wonderlijk geschapen heeft, water in wijn veranderde, zieken genas en doden tot leven riep, kon de vruchteloze boom voller van vruchten doen zijn dan een vijgenboom ooit zou hebben gedragen. Maar de reden dat Hij deed wat Hij deed was omdat Hij iets veel diepers wilde onderwijzen.

Jezus, de Zoon van David, geboren uit de stam van Juda is gekomen tot Zijn volk. In Hosea lezen we: 'Ik vond Israël als druiven in de woestijn, Ik zag uw vaderen als de eerste vrucht aan de vijgenboom in haar beginsel; maar zij gingen in tot Baäl Peor, en zonderden zich af tot die schaamte, en werden gans verfoeilijk naar hun boelerij, Hos. 9:10.' Hoewel Abram, Izaäk en Jacob er voor kozen om Jehova te dienen met heel hun hart en Mozes het volk Israël als de gezant van God door de woestijn had geleid, heeft het volk toch niet als een Jozua gekozen om met heel hun hart Jehova hun God te dienen. Jehova sprak door de mond van Jeremia: 'Ik zal hen voorzeker wegrapen, spreekt de HEERE; er zijn geen druiven aan den wijnstok, en geen vijgen aan den vijgeboom, ja, het blad is afgevallen; en de geboden, die Ik hun gegeven heb, die overtreden zij, Jer. 8:13.' Met andere woorden, het volk, van God verkoren, was een vruchteloos volk geworden, maar de getrouwe God zond de Messias opdat overtreders en slaven van de duivel, gebonden in duisternis, door God verlost zouden worden.

Drie en een half jaar was Hij nu in hun midden, getuigend van Gods ontfermende liefde en genade. Drie en een half jaar heeft Hij onderwezen dat het juk van mensengeboden geen heiligheid voor God kan bewerken. Drie en een half jaar heeft Hij onderwezen, dat het leven, dat God lief heeft boven alles en de naasten als zichzelf, niet is te verwezenlijken door menselijke tradities en geboden op te volgen en een strikt wettisch leven er op na te houden. Het is een zaak van het hart dat recht staat tegenover God. Niet voor niets was er niemand zo vol vijandschap tegen Jezus als de Schriftgeleerden en de farizeeërs. Zij dachten zelf een gerechtigheid voor God te kunnen bewerken, een heiligheid die bestond in doen en laten. Zij konden het niet uitstaan dat volwassenen en kinderen Jezus toezongen: 'Hosanna, den Zone Davids! Gezegend is Hij, Die komt in de Naam van Jehova! Hosanna in de hoogste hemelen!'

Met Goddelijk gezag heeft Jezus twee keer de tempel gereinigd en als het ware aangewezen dat wat een plaats van gebed moest wezen waar Jood en heiden God zou ontmoeten, geworden was tot een plaats van handel, roof en moord. Jezus had zojuist nog geweend toen Hij Jeruzalem zag liggen en sprak: 'Och, of gij ook bekende, ook nog in deze dag, hetgeen tot uw vrede dient! Maar nu is het verborgen voor uw ogen... Luk. 19:42.' Het oordeel zou onherroepelijk over Jeruzalem worden uitgestort.

In deze context zien we Jezus voor de vijgenboom staan die er zo veelbelovend uitzag. Het blad deed vermoeden dat er vruchten te vinden zouden zijn. Maar helaas het bleek alles slechts schijn. Jezus trekt de parallel tussen deze veelbelovende maar vruchteloze vijgenboom en Zijn volk dat niet gewild heeft dat Hij Koning over hen zijn zou. Hoewel zij door hun verkiezing een bevoorrechte positie boven alle volkeren hadden ontvangen, ja het verbond, de geboden en de heerlijke schaduwdienst uit Vaders hand gekregen hadden, was het verworden tot een schijnvertoning zonder vrucht. De vervloeking die is uitgesproken over de vijgenboom is een verschrikkelijke werkelijkheid geworden voor het volk dat hun Messias heeft verworpen. Zij hebben geroepen: "Zijn bloed kome over ons en onze kinderen." De geschiedenis heeft geopenbaard dat het oordeel hen niet gespaard is gebleven.

Tegelijk leert Jezus dat voor hen die geloven alle dingen mogelijk zijn. Het was, net als in onze tijd, een bekend gezegde dat er bergen werk verzet konden worden. Van rabbi's werd wel spreekwoordelijk gezegd dat zij soms bergen konden verzetten. Zo staat Jezus daar bij de verdorde vijgenboom en zegt: 'Indien gij geloof hadt, en niet twijfeldet, gij zoudt niet alleenlijk doen, hetgeen den vijgeboom is geschied; maar indien gij ook tot dezen berg zeidet: Word opgeheven en in de zee geworpen! Het zou geschieden. En al wat gij zult begeren in het gebed, gelovende, zult gij ontvangen.' "Zie je daar Jeruzalem met al haar gewoel, zie je hoe het geworden is tot een godsdienst zonder inhoud, spreek in het geloof en het zal opgeheven worden en in de zee geworpen". In werkelijkheid zien we dat veertig jaar later Jeruzalem tot een puinhoop is geworden en het volk dat het oordeel over zich had afgeroepen geworpen werd in de volkeren zee.

Vrienden, hoe staat het met ons leven? Moeten wij niet eerlijk zijn en zeggen dat de kerk van het westen het er niet beter heeft afgebracht dan het volk Israël? Wat is de vrucht van de kerk vandaag? Als ik om mij heen kijk dan zie ik, naast veel schijnvertoning dat Sodom en Gomórra de kerk heeft overspoeld en dat we het erger gemaakt hebben dan het volk Israël. Als Jezus nu terugkomt om Zijn vrucht te zoeken, hoe zal het er dan met ons voorstaan?

God zij dank, is er door de dood van Jezus heen, hoop voor heel de wereld. Er is hoop voor de twaalf stammen van Israël, er is hoop voor Nederland en voor heel de wereld, want allen die tot Jezus de toevlucht nemen, door hun zonden te belijden en te geloven dat Zijn bloed reinigt van alle zonden, zullen vrucht dragen. Diegenen mogen troost putten uit de woorden van God door de mond van Hosea: 'Uw vrucht is uit Mij gevonden. Wie is wijs? Die versta deze dingen; wie is verstandig? Die bekenne ze; want des HEEREN wegen zijn recht, en de rechtvaardigen zullen daarin wandelen, maar de overtreders zullen daarin vallen, Hos. 14:9b,10.' Door het geloof in de Heere Jezus Christus vinden Jood en heiden vrede bij God de Vader, samen mogen zij een groenende boom zijn die vrucht draagt tot in het eeuwige leven. O, glorie aan God, Die dwars door de onmogelijkheid heen ondanks onze zonden ons zaligheid heeft gebracht. Jezus die de onvruchtbare vijgenboom vervloekte is Zelf tot een vloek geworden aan het vervloekte hout op Golgotha, opdat een ieder die in Hem gelooft veel vrucht zou dragen tot eer van onze Vader. Hallelujah, verblijdt u in de Heere, laat Zijn vrede uw hart vervullen en laten wij samen zoeken Hem boven alles te eren, te dienen en elkaar op te bouwen in het heilige geloof, zo zullen wij vrucht dragen. Amen. 

Wilco Vos Veenendaal 03-06-2019