M29 Woorden van Jezus - Laat nu af want aldus betaamt ons alle gerechtigheid te vervullen

21-07-2017 07:49

Woorden van Jezus: Laat nu af; want aldus betaamt ons alle gerechtigheid te vervullen

 

‘Toen kwam Jezus van Galiléa naar de Jordaan, tot Johannes, om van hem gedoopt te worden. Doch Johannes weigerde Hem zeer, zeggende: Mij is nodig van U gedoopt te worden, en komt Gij tot mij? Maar Jezus, antwoordende, zeide tot hem: Laat nu af; want aldus betaamt ons alle gerechtigheid te vervullen. Toen liet hij van Hem af. En Jezus, gedoopt zijnde, is terstond opgeklommen uit het water; en ziet, de hemelen werden Hem geopend, en hij zag den Geest Gods nederdalen, gelijk een duive, en op Hem komen. En ziet, een stem uit de hemelen, zeggende: Deze is Mijn Zoon, Mijn Geliefde, in Denwelken Ik Mijn welbehagen heb! Matth. 3:13-17.’

 

“Woorden van Jezus”, dat is wat er boven deze overdenking staat geschreven en als de Heere het geeft hopen we de komende tijd een aantal Bijbelse overdenkingen te schrijven aan de hand van de woorden die de Heere Jezus gesproken heeft. Natuurlijk heeft de Heere Jezus heel wat meer gesproken dan dat er in de Bijbel te lezen is. Als klein kind heeft Hij leren praten zoals alle andere kinderen, Hij heeft gespeeld met andere kinderen, met hen gepraat en dat deed Hij ook met moeder Maria en Jozef de timmerman. Hij sprak over de dingen van alle dag en toch was Hij daarin zo geheel anders dan andere kinderen en jonge mannen. Als Hij geplaagd werd, plaagde Hij niet terug. Als er gescholden werd, deed Hij niet mee. Als Hij in de werkplaats op zijn vinger sloeg, dan vloekte Hij niet. Als Hij een moeilijk werkstuk moest maken waarbij het leek dat alles tegen zat, dan gooide Hij het niet door de werkplaats en begon ook niet te foeteren. Hoewel we al deze zaken niet in de Bijbel lezen, kunnen wij dit weten omdat Jezus niet zomaar een doorsnee jongen was, maar de Zoon van God. Hij kwam vanuit de hemel om de wet te vervullen door haar volmaakt te houden en de schaduw tot werkelijkheid te brengen. Al de lammeren die onder het Oude Verbond werden geslacht, wezen heen naar Deze Jezus Die gekomen is als het Lam van God, Dat de zonde der wereld weg neemt. Hij nam, als het vlekkeloze Lam, aan Wie geen enkel gebrek was, de schuld van de zondige mens op Zichzelf om zondaren te verlossen van schuld en zonden en terug te brengen bij God de Vader. Kom vrienden, kent u Deze Jezus? Heeft u al ontdekt dat Hij het van God de Vader geschonken geschenk is, dat u zo nodig heeft en buiten Wie u niet leven kunt? Allen die hun knieën buigen, hun zonden belijden en in het geloof dit geschenk dankbaar aanvaarden, mogen zichzelf kinderen van God de Vader weten. Wat een vreugde, om in deze Jezus geborgen, het leven te mogen leven.

 

In gedachten zien we Johannes de doper, van wie Jezus later sprak dat er nooit iemand geboren is die meerder was dan deze (Matth. 11:11). Hij is de Elia waarvan Maleachi heeft geprofeteerd (Matth. 11:14), de stem van een roepende in de woestijn zoals Jesaja hem beschreef (Jes. 40:3). Daar zien we hem staan bij de Jordaan, wat een bijzondere vertoning, een man in een mantel van kamelenhaar die de mensen oproept tot bekering van hun boze wegen en een terugkeer tot de levende God. De mensen die gehoor geven aan zijn boodschap komen tot hem en laten zich dopen in het water. Terwijl hij daar staat als een engel van God (Matth. 11:10), zien we Jezus naar hem toelopen. Wat een contrast, daar staat Johannes de van God gezondene om de weg voor de Heiland te bereiden in een oproep tot bekering en om hem heen staan zondaren, die het nodig hadden om terug te keren tot de Almachtige en gedoopt te worden tot vergeving der zonden (Mark. 1:4,5). Dan verschijnt daar de Zaligmaker der wereld, de volmaakt heilige, de rechtvaardige en onbevlekte Zoon van God. Hij komt tot Johannes om van hem gedoopt te worden. Wie kan dit begrijpen? Zouden wij niet stil worden? In gedachten zien we Johannes daar staan, de één na de ander kwam tot hem en liet zich dopen, echtbrekers, dieven, moordenaars, overspelers, lasteraars, vloekers en spotters en dan loopt daar Jezus op hem af. Dan zien we iets wat nog niet eerder is gebeurd, Johannes is zeer beslist en weigert te dopen. Hoor wat hij zegt: ‘Mij is nodig van U gedoopt te worden, en komt Gij tot mij?’ Ik denk dat Johannes nog wel veel meer heeft gedacht en nog veel meer zou hebben kunnen zeggen. Wie van ons zou het niet met Johannes eens zijn? Wie van ons is zonder zonden? Wij hebben het nodig om terug te keren tot God, niet één keer maar helaas steeds opnieuw, wij hebben het nodig om gedoopt te worden omdat wij gereinigd moeten worden terwijl Jezus volmaakt, heilig en rechtvaardig, nooit één zonde heeft gedaan. Wat een storm van weerwoorden zouden wij niet kunnen laten waaien, maar hoor wat Jezus spreekt: ‘Laat nu af; want aldus betaamt ons alle gerechtigheid te vervullen.’

Zwijg Johannes, wees stil. Hier geen redenaties, hier geen “ja maars”, hier spreekt God de Almachtige; ‘Laat nu af.’ Stil maar Johannes, stil maar mensen, misschien begrijpen jullie het niet maar hier staat het Lam van God om gedoopt te worden en daarmee alle gerechtigheid te vervullen. Kunnen wij het begrijpen? Nee, maar laten wij het bewonderen en gehoorzamen zoals Johannes dat deed en niet langer tegensprak. Daar zien we Jezus en Johannes, Johannes pakt Jezus vast Die zich daar in het water van de Jordaan, symbolisch laat begraven en weer op mag komen uit het watergraf. De doop als het onomkeerbare moment tussen het oude en het nieuwe, moest Jezus ondergaan, om gerechtigheid te vervullen. In en met Hem zien we als het ware de gelovige Abraham, de gelovige Izak en de gelovige Jakob maar ook de gelovige Petrus en Paulus, ja de gelovige van gisteren en vandaag, ondergaan in het watergraf om in en met Hem weer op te staan in het nieuwe leven.

 

Jezus klimt uit het water en zie welk een wonder daar gezien en gehoord wordt. De hemelen worden geopend en terwijl de Geest Gods op Hem neerdaalt in de gedaante van een duif, klinkt uit de hemel de stem van God de Vader: ‘Deze is Mijn Zoon, Mijn geliefde, in Denwelken Ik Mijn welbehagen heb.’ Daar bij Het water van de Jordaan staat de zojuist gedoopte Zaligmaker der wereld, Jezus de Zoon van God, op Hem daalt neer de Heilige Geest terwijl de stem van Vader klinkt. Hoe heerlijk zien wij hier het werk van een Drieenig God, Het is God de Vader die in Zijn verkiezende liefde geen lust heeft in de dood van de zondaar maar daarin dat zij zich bekeren en leven en om zondaren te kunnen redden schonk Hij Zijn Zoon, Die kwam om plaatsvervangend te lijden en te sterven terwijl Gods Geest dit heil uitwerkt in de harten van allen die schuilen achter het bloed van het Lam. Glorie aan God.

 

Vrienden, wat kunnen wij veel leren uit deze bijzondere geschiedenis en de eerste woorden van de Heere Jezus. Wat kan er ook in ons hart en gedachten veel opkomen dat indruist tegen de wil van God. Het kan zo mooi, zo fijn en zo rechtvaardig klinken en voor het oog zo zuiver maar wie zou niet zwijgen als God tot zwijgen roept? “Ja maar”, nee stop met dat “ge ja maar”, laat nu af. “Maar ik ben te zondig”, ga dan met al je zonden tot Hem die zondaren nodigt en hen uit genade het eeuwige leven wil geven. “Maar ik heb niet genoeg zondekennis”, weet dat u verloren gaat met veel of weinig kennis en zoek uw zaligheid daar waar het alleen te vinden is, vandaag is het nog niet te laat. “Maar er zijn zoveel mensen die zich bedriegen en met een ingebeelde Jezus verloren gaan”, wat gaat u dat aan, vlucht tot de Zaligmaker der wereld en vind in Hem het leven. “Maar moet ik mijzelf ook laten dopen zoals Jezus dat deed?” Ja, want er staat geschreven; Bekeert u en laat u dopen (Hand. 2:38). Als u mag geloven dat het bloed van de Heere Jezus Christus, de Zoon van God u reinigt van al uw zonden laat dan niets u verhinderen om in navolging van uw Heiland uw zonden te laten afwassen. “Ja maar”, ‘Laat af, want aldus betaamt ons alle gerechtigheid te vervullen.’ “Maar ik ben als kindje al besprenkeld.” Laat af, in de Bijbel staat; ‘Die geloofd zal hebben en gedoopt zal zijn, zal zalig worden; maar die niet zal geloofd hebben, zal verdoemd worden, Mark. 16:16.’ De Bijbel onderwijst ons dat het geloof uit het gehoor is (Rom. 10:17), vandaar dat de discipelen zijn uitgezonden om te onderwijzen en daaropvolgend te dopen (Matth. 28:19). Zij die mogen geloven dat Christus alleen hun heil is, mogen weten met Hem gestorven en met Hem opgestaan te zijn in het nieuwe leven (Rom. 6:3,4). Als een getuigenis van een goed geweten laten zij zich dopen (1 Petr. 3:21). “Ja maar de traditie leert toch iets anders en hebben al die godvrezende mensen van het voorgeslacht het dan verkeerd gehad?” Laat af!

 

Lieve vrienden, God de Vader sprak vanuit de hemel dat Hij al Zijn welbehagen heeft in Zijn geliefde Zoon. Laten wij onze wil overgeven in de hand van Vader en de voetstappen van Zijn Zoon drukken. Jezus heeft, ten spijt van mooie tradities en geleerde woorden, niet geluisterd naar de stem van de geleerden maar naar de stem van Zijn Vader. Het volgen van Jezus, door te doen wat Hij deed, zal ons vijandschap, spot en veroordeling opleveren maar tegelijk de zegen van Vader doen genieten. Buigen wij onze knieën, onderwerpen wij onze wil in een gehoorzaam volgen van Jezus stem Die tot ons klinkt in het Woord van God. Met twijfel en vrees, ongeloof en zonden mogen wij afrekenen door te komen tot Jezus, ons door Hem te laten verzoenen, verlossen en reinigen en met Hem in een nieuw Godzalig leven te wandelen tot eer en glorie van God de Vader, geborgen in de Zoon en gedreven door de Geest. Amen.

Wilco Vos Veenendaal 10-07-2017