M37 Jezus wijst ons de enge poort

12-09-2014 09:32

'Gaat in door de enge poort; want wijd is de poort en breed is de weg, die tot het verderf leidt, en velen zijn er die door dezelve ingaan; Want de poort is eng en de weg is nauw, die tot het leven leidt, en weinigen zijn er die denzelven vinden, Matth. 7:13,14.'

 

In Mattheüs 5 tot en met 7 vinden we de bergrede, een preek, niet van mensen maar van de Heere Jezus, de volmaakte prediker, de Zoon van God. Hij die leert, niet als de Schriftgeleerden maar als machthebbende. Wat een zegen dat ook wij vandaag mogen luisteren naar Zijn boodschap. We zien Hem als het ware te midden van een grote groep mensen. Vele zijn Hem gevolgd om te luisteren naar Zijn boodschap en te zien hoe Hij de zieken geneest. Een grote hoeveelheid mensen, sommigen nieuwsgierig, anderen verlangend om genezen te worden en weer anderen hongerend en dorstend naar de gerechtigheid. Jezus kende de harten van deze mensen en Hij kent ons hart, Hij weet wat er werkelijk leeft en waar ons diepste verlangen naar uitgaat. Hij begint Zijn rede met de bekende zaligsprekingen. We horen hoe Hij zalig spreekt, de armen van geest, de treurigen, de zachtmoedigen, zij die hongeren en dosten naar de gerechtigheid, de barmhartigen, de reinen van hart, de vreedzamen en zij die vervolgd worden om Zijns Naams wil. We zien hier niet het beeld van een groot aanzienlijk persoon, niet de sterke en machtige, die zalig gesproken wordt, maar juist de dwazen, in het oog van de van deze wereld, heeft God uitverkoren opdat Hij de wijzen beschamen zou en het zwakke opdat Hij het sterke zou beschamen. Dat alles opdat wij zouden roemen niet in onszelf maar in Hem.

 

Verder spreekt de Heere Jezus over het zout der aarde en het licht op de kandelaar en dat Hij niet is gekomen om de Wet en de Profeten te ontbinden maar om die te vervullen. Hij spreekt over de diepe geestelijke inhoud van de wet. Hij legt uit dat God niet gediend wordt door een uiterlijke gerechtigheid maar door die gerechtigheid die voortkomt uit het nieuwe leven. Niet de wet als leefregel om daarmee iets te verdienen maar de wet als leefregel omdat Gods liefde en Zijn gehoorzaamheid ons leven is geworden. Tot hen die nog steeds iets verwachten van de wet spreekt Hij: 'Weest dan gijlieden volmaakt, gelijk uw Vader, Die in de hemelen is, volmaakt is, Matth. 5:48.' Zij die niets meer van zichzelf en de wet verwachten maar hun hoop en verwachting in de Heere Jezus hebben gevonden, vinden alles in Hem. 'Maar uit Hem zijt gij in Christus Jezus, Die ons geworden is wijsheid van God, en rechtvaardigheid en heiligmaking en verlossing, 1 Kor. 1:30.' Ja, in Hem zijn wij volmaakt. 'En gij zijt in Hem volmaakt, Die het Hoofd is van alle overheid en macht, Kol. 2:10.' Wat een heerlijke positie, geen kramp om iets te bereiken maar een dankbaar hart dat volgzaam is gemaakt, ziende op de overste Leidsman en Voleinder van het geloof. Zo gaan we ook begrijpen wat Jezus bedoelt in Zijn rede als het gaat om het geven van aalmoezen, het bidden en het vasten. Het is alles tot eer van God en niet om gezien te worden van de mensen. Zo zien we in het gebed dat de Heere Jezus ons Zelf geleerd heeft, al deze diepe lessen terugkomen. Het gaat om de verheerlijking van Gods Naam en een verlangend hart naar de komst van Zijn Koninkrijk. Dat is hetgeen waar wij met heel ons hart en leven op gericht moeten zijn. Dan de bede om dagelijks brood, waarbij Hij tegelijk uitlegt dat we onbezorgd mogen leven omdat onze hemelse Vader zorgt. Hoe zouden we bezorgd kunnen zijn bij die wetenschap? Hij leert ons bidden om de vergeving van onze schulden zoals ook wij onze schuldenaren vergeven, daarbij wijzend op de splinter en de balk. Biddend om niet in verzoeking geleid te worden en verlossing van de boze daarbij pleitend op de kracht en de heerlijkheid in onze God. De Heere Jezus leert ons in deze rede dat als wij bidden, wij ook zullen ontvangen. Daarbij moeten wij erop letten dat ons hart dan zo moet zijn zoals Hij dat in diezelfde rede leert. Dan is ons gebed en ons leven op God gericht.

Als het ware heeft de Heere Jezus de schare en ons voorgehouden hoe wij zouden wandelen in de weg der rechtvaardigen. 'Want de HEERE kent den weg der rechtvaardigen, maar de weg der goddelozen zal vergaan, Psalm 1:6.' Dit zijn de twee wegen die door het hele Oude Testament heen geleerd worden. De schare was daarmee bekend, zij kenden ook het gebed van David: 'Doorgrond mij, o God, en ken mijn hart; beproef mij en ken mijn gedachten. En zie of bij mij een schadelijke weg zij; en leid mij op den eeuwigen weg, Psalm 139:34.'

 

We mogen ervan uitgaan dat het grootste gedeelte van de schare mee op trok naar Jeruzalem om daar hun offers te brengen. Daar zongen zij: 'Gaat in tot Zijn poorten met lof, in Zijn voorhoven met lofzang; looft Hem, prijst Zijn Naam, Psalm. 110:4.' Zij kenden de poorten van de tempel. Zij waren gewend om door de poorten binnen te treden. Maar nu komt de boodschap tot hen door de mond van de Heere Jezus: 'Gaat in door de enge poort.'

 

De Heere Jezus, Die de harten van Zijn hoorders kende, wil als het ware zeggen. Mensen, jullie zijn bekend met de poorten, jullie treden daardoor naar binnen om de offers te brengen en om de Heere te loven. Jullie aanbidden de enige ware God maar nu komt het er opaan dat jullie aanbidders zijn in geest en in waarheid. 'Maar de ure komt en is nu, wanneer de ware aanbidders den Vader aanbidden zullen in geest en waarheid; want de Vader zoekt ook dezulken die Hem alzo aanbidden. God is een Geest, en die Hem aanbidden, moeten Hem aanbidden in geest en waarheid. Joh. 4:23,24.' De offers van jullie lammeren en de offers van jullie lippen zijn Mij niets waard, zolang jullie hart niet in geest en waarheid aanbid.

 

De Heere Jezus stelt de mensen als het ware voor een keuze. Hij stelt twee poorten voor en twee wegen. Een wijde poort met daarachter een brede weg en een smalle poort met daarachter een nauwe weg. Wat is uw keuze? Kiest u voor de wijde poort en de brede weg, zoals zovelen, om voor eeuwig om te komen of kiest u voor de smalle poort met de nauwe weg, die leid tot het eeuwige leven?

 

Het is niet vrijblijvend om te luisteren naar het Woord van God. Het vraagt om een keuze! Let wel, hoe we ook handelen na het horen van deze woorden, het is een keuze. Het is of in gehoorzaamheid de weg met Christus bewandelen of het is in ongehoorzaamheid de weg gaan die ons in het eeuwig verderf stort. De Heere Jezus dringt ons als het ware om Hem te gehoorzamen en in te gaan door de enge (smalle) poort. Het is God, Die ons oproept een keuze te maken.

 

'Want wijd is de poort en breed is de weg, die tot het verderf leidt, en velen zijn er die door dezelve ingaan, Matth. 7:13b.'

 

De dringende oproep om in te gaan door de enge poort wordt gevold met de ernstige boodschap dat er een wijde poort is en een brede weg waardoor velen ingaan om verloren te gaan. Waarom zijn er nu zovelen die door deze poort ingaan? Waarom wandelen zoveel mensen op deze brede weg naar het verderf, terwijl er zo'n ernstige oproep wordt gedaan om in te gaan door de enge poort?

 

Het is eenvoudig, de rede is dat we door de wijde poort mogen gaan zoals we zijn en op de brede weg mogen wandelen zoals we dat zelf willen. Het kost ons niets, we hoeven ons niet te bekeren. Zelfverloochening kent men niet op de brede weg, we mogen op deze weg trots zijn en vol zitten met eigenliefde. Haat en nijd klaagt ons niet aan en onze boezemzonden doen geen pijn.

Op deze brede weg ervaren wij onszelf, ons karakter of onze keuzes, niet als zondig. We leven op die weg met een ruime moraal een ruim geloof en een ruim geweten, ja heel onze handel en wandel is ruim. Het valt ook niet op, omdat de meeste mensen op deze weg ruimdenkend zijn.

 

De brede weg is zo breed dat we de weg zeker in drieën kunnen delen, links, midden en rechts. Helemaal links wandelen zij die geen rekening houden met God en Zijn gebod. We zouden hen de brute goddelozen kunnen noemen. Daar lopen de moordenaars, de dronkaards, de verkrachters, de draaideurcriminelen, kortom daar leeft men zich volop uit in de zonden.

 

Daarnaast zien we een grote groep wandelen op het midden van de weg. Zij zijn mensen met een hogere moraal. We komen daar mensen tegen die overtuigend atheïstisch zijn maar ook zij die geloven in andere goden dan de enige ware God, de Schepper van hemel en aarde. Denk aan de moslims, de boeddhisten en zovelen die een godsdienst buiten God aanhangen. Te midden van deze grote stroom mensen, vinden we hele aardige, goede en beminnelijke mensen. Mensen die echt het goede zoeken voor hun naasten. Er zijn er die stichtingen opzetten tot welzijn van onze medemens, anderen zijn bereid hun leven te geven voor de goede zaak. Toch is het verschrikkelijk om te beseffen dat ook deze mensen allemaal, ondanks hun goede bedoelingen, verloren gaan omdat zij niet geloven in de Enige Naam die onder de hemel is gegeven, door welke de mens zalig wordt. Er is buiten Jezus geen leven, al zijn we nog zulke aardige en goede mensen. Sterker nog, van deze mensen moeten wij op grond van Gods Woord zeggen; hoe kun je goed zijn buiten Christus? Er is niemand die goed doet ook niet tot één toe (Rom 3). Dan zien we bij deze grote brede middengroep, mensen die toch net weer iets anders zijn. We horen er zingen in de Naam van Jezus. Daar zien we sommigen die werkelijk wonderen doen in de Naam van Jezus. We zien ze samenkomen in grote gebouwen waar opgewonden gezongen en gebeden wordt. We zien hoe men doopt na het doen van geloofsbelijdenis.

Anderen, zien we weer in andere gebouwen samenkomen, daar gaat het er allemaal rustiger aan toe. Men kijkt ernstiger en spreekt anders. Het zingen klinkt anders en men onderscheid zich van de rest van de grote groep op de brede weg. We zien hoe kindertjes gedoopt worden en hoe ze later belijdenis van hun geloof afleggen. Deze mensen onderscheiden zich en zijn zeker anders dan zij die links op de brede weg lopen, toch is hun hart nooit verandert. Zij zijn evengoed vervreemd van het leven uit God. Hun leven en hun godsdienst is niets anders dan een lege huls. Zij zijn nooit ingegaan door de enge poort. Op straat kom ik er velen tegen die belijden te geloven in Jezus en menen behouden te zijn, terwijl zij nooit door de enge poort zijn binnengegaan. Anderen geloven in God maar niet in de Heere Jezus als hun Zaligmaker. Wat een verschrikkelijke waarheid in die ernstige boodschap van de Heere Jezus. “Velen zijn er die door dezelve ingaan.” Het einde van deze brede weg eindigt zeer smal. Wat een helse verschrikking zal dat zijn, gemeend te hebben om op een eigen wijze te kunnen leven in de wereld of in de godsdienst en dan te eindigen in de hel.

 

'Want de poort is eng en de weg is nauw, die tot het leven leidt, en weinigen zijn er die denzelven vinden, Matth. 7:14.'

 

Naast de wijde poort en de brede weg zien we een enge poort en een smalle weg. Toch zijn er weinigen die die poort en die weg vinden. Hoe komt het toch dat er zo weinigen zijn die door de smalle poort ingaan? Omdat de mens niet wil bukken en dat is nu juist nodig om door die smalle poort te kunnen gaan. Een mens wil wel door een poort om in de hemel te komen maar niet door zo'n smalle poort. De mens wil niet verliezen wat zo kostbaar lijkt in eigen oog. Toch is bekering niets anders dan alles verliezen om voor eeuwig in te gaan.

We lezen in de Bijbel: 'Die in de Zoon gelooft, die heeft het eeuwige leven; maar die den Zoon ongehoorzaam is, die zal het leven niet zien, maar de toorn Gods blijft op hem, Joh. 3:36.' De Heere Jezus maakt het verschil tussen leven en dood. Het is in Hem behouden of buiten Hem verloren. Is het niet treffend hoe wij Hem horen getuigen in Johannes 10: 'Ik ben de Deur; indien iemand door Mij ingaat, die zal behouden worden; en hij zal ingaan en uitgaan, en weide vinden.' Hier openbaart de Heere Jezus Zichzelf als de Deur, Hij is niemand minder dan de Deur en de Poort door Wie allen binnengaan die behouden worden. Ook openbaart Hij Zichzelf in Johannes 14 als; 'de Weg, en de Waarheid, en het Leven. Niemand komt tot den Vader dan door Mij.' Er is geen andere Poort en er is geen andere Weg dan Jezus, de Verlosser. Hij is de Middelaar tussen God en de mensen. Waarom wordt er dan gezegd dat de poort eng is en de weg smal? Omdat wij mensen van onszelf geen behoefte hebben aan Jezus de Verlosser. De wereld met al het aantrekkelijks is zo veel aantrekkelijker dan het leven met Jezus, zo meent men. Maar lieve vrienden, wat is er dan zo aantrekkelijks in deze wereld? Vertel het mij? Ik heb het daar gezocht maar nooit gevonden! Al het schijn van deze wereld bedriegt en zal straks vergaan. Kom Zie op Jezus, Hij is de Deur, Hij is de Weg en in Hem vinden wij het Leven.

 

Jezus is de Deur tot de gemeente. Niet onze doop, niet onze belijdenis of lidmaatschap maar zodra wij door deze Deur ingaan worden wij deel van de wereldwijde gemeente, die duur gekocht is door het bloed van het Lam. Dan in Hem geborgen, zijn wij lid van Zijn Lichaam, waarvan Hij het Hoofd is. Ondanks alle strijd en alle verschillende visies, zullen wij Hem straks dienen in volmaaktheid.

 

Jezus is de Deur tot de Vader. Door Hem hebben wij een vrije toegang ontvangen tot onze hemelse Vader. In Hem wandelen wij in gemeenschap en aanbidden wij Hem met heel ons hart. Abba Vader, lieve Vader, U alleen behoor ik toe.

 

Jezus is de Deur tot de hemel. Door Hem hebben wij een blij vooruitzicht dat ons streelt. Straks zullen wij voor altijd bij Hem zijn. Niets zal ons kunnen scheiden van deze vaste zekerheid. Geborgen in Hem voor tijd en eeuwigheid, omdat Hij onze Deur der hoop is.

 

De doorgang door deze enge poort, vereist geloof en bekering. Het is inzien dat er buiten Jezus geen enkele hoop en verwachting is. Het is inzien dat Jezus alleen het Leven is. Het vraagt om een radicale keuze. Omkeren naar God en leven zoals Hij dat van ons vraagt. Het is als het ware een streep door onszelf en onze visie en in afhankelijkheid van God de Weg met Hem gaan. Lieve vrienden, God vraagt niets anders van ons dan een eenvoudig geloof. Een onszelf overgeven in Zijn hand en rusten in het verzoenende werk van de Heere Jezus Christus. Dat brengt vruchten van bekering voort. Dat gaat door een weg van zelf veroordeling en verootmoediging. Inzien dat wij gezondigd hebben tegen een goed doend God, dat doet pijn en dat brengt ons in de verootmoediging. Dan komen wij er achter dat we met al onze wijsheid niets anders doen dan God voor de voeten lopen. Worden als een kind, is zo makkelijk gezegd maar dat kost alles. Mag het ons alles kosten? O als wij iets zien van die heerlijkheid in de Heere Jezus, dan vragen we niet meer of het ons iets mag kosten, dan zeggen wij: “Neem Heere alles wat in de weg staat en trek mij door de poort ” Dan willen wij liever sterven dan nog langer te moeten staan buiten die enge poort. Dan mag het alles kosten. “Heere neemt u mijn leven, wat het ook moet kosten.” En zo ontvangt de zondaar uit vrije genade, de vergeving van de zonden, het kindschap Gods en het eeuwige leven. Gaat in door de enge poort, wil niets anders zeggen dan geloof in de Zoon van God. Het is niets anders dan het schuilen van de Israëliet achter het bloed van het lam. Ja het schuilen achter het bloed van het Lam, is het doorgaan door de poort tot het nieuwe leven.

De Israëlieten hadden geschuild achter het bloed en waren uit Egypte getrokken door de rode zee. Na de rode zee waren zij nog niet in het beloofde land, er lag nog een hete zandwoestijn voor hen. Zo, lieve vrienden, zijn wij nog niet in de hemel als wij hebben mogen schuilen achter het bloed van het Lam. Nee, op het moment dat de zondaar eenvoudig gelooft in de Heere Jezus Christus, als zijn of haar Zaligmaker, dan begint de woestijnreis. Dan is die zondaar doorgegaan door de Poort en mag hij of zij wandelen op de smalle weg, ja, Jezus de Weg, is dan onze Waarheid en het Leven. Wat een heerlijke Naam, wat een rijke troost en wat een zeker toekomst. Die smalle weg is een smalle weg, omdat wij er dan achter komen dat er nog zoveel vlees is wat in de weg zit. Er is nog zoveel karakter dat strijd tegen de beginselen van het nieuwe leven. Wat een ijver kan er zijn om de Heere te dienen, wat een liefde tot God en onze naaste en dan steeds maar weer te struikelen. Wat is die weg dan smal, als we ons stoten aan de scherpe rotspunten van onze zwakke wil. Wel te willen maar niet te kunnen. En dan zo'n eenzame weg, er zijn er zo weinig die ons begrijpen. Een pelgrim op de smalle weg heeft niet zoveel vrienden. Dan die verleidingen vanuit de wereld, de boze influisteringen van de satan en de vele verdrukkingen die op ons pad komen. Ook het onbegrip van de mensen om ons heen, familie, vrienden, kennissen en collega's. Zij begrijpen ons niet meer. Wij maken zulke vreemde keuzes in hun ogen. Ook de bespotting en de haat van de wereld komt op ons af. Zo beginnen we langzaam maar zeker steeds meer de toevlucht te nemen tot onze God. We ontdekken dat alleen de Bijbel, het Woord van God, ons troost bied. Dat Woord is ons kompas. Dat Woord snijd door ons heen en legt ons hart open. Dat Woord leert ons de Weg te bewandelen. 'Verlaat de slechtigheden en leeft, en treedt in de weg des verstands, Spr. 9:6.' We komen er achter dat dit leven het kruis dragend leven is waar de Heere Jezus ons toe opriep (Mark. 8:34). Dit is de haat die De Heere Jezus ons voorzegd had (Joh. 15:18,19). Nu zien we dat we door vele verdrukkingen moeten ingaan in het Koninkrijk Gods (Hand. 14:22). Is er een boek in de wereld dat ons meer waard is dan het Woord van God?

 

Lieve vrienden, deze weg is een heerlijke weg. Juist in deze weg komen wij er achter dat in de Heere Jezus onze volkomen zaligheid ligt. Nu gaan we pas echt leren een streep te zetten door onszelf. Want we zijn er achter gekomen dat onze hulp en verwachting alleen van de Heere is. 'Maar uit Hem zijt gij in Christus Jezus, Die ons geworden is wijsheid van God, en rechtvaardigheid en heiligmaking en verlossing, 1 Kor. 1:30.' Alles ligt in Hem. Daarin te rusten is het ware leven voor de ziel. Met Hem gestorven en begraven, maar ook weer opgestaan, om niet onszelf maar Christus te leven. Dan gaan we die weg lief krijgen en wordt de smalle weg een zoete weg. Dan gaan het geloof en de lijdzaamheid deze onbegaanbare weg tot een vlakke weg maken. Dan ontdekken wij dat alles moet medewerken ten goede. Dan kunnen wij het door God opgelegde kruis kussen en willen wij Hem volgen, wat het ook kost. Dit is de weg waarin de geredde zondaar gevormd wordt naar het beeld van onze Heere Jezus Christus.

 

Hoe staat het met u? Bent u een reiziger op de smalle weg? Dankt de Heere voor Zijn rijke genade en ga voort in Zijn voetspoor. We hebben gezien hoe deze weg een zekere weg is. De weg is smal, maar zij eindigt in de heerlijke gelukzaligheid. 'Die overwint, zal alles beërven en Ik zal hem een God zijn en Hij zal Mij een zoon zijn, Openb. 21 : 7.'

 

Lieve vrienden, is in uw hart het verlangen gewekt om in te gaan door de smalle poort? Kom haast en spoed u dan om uws levens wil. Zie af van uzelf en zie op Christus Jezus uw Heiland. Verhard u niet maar laat u leiden. “O Hemelse Vader zegen deze woorden aan het hart van allen, opdat zij u kennen.” Amen.

 

Jezus is de weg, die zondaars,

wand'lend op het brede pad,

leidt uit 's werelds bange doolhof

naar de heil'ge hemelstad.

 

Jezus is alleen de waarheid,

beeld van Gods zelfstandigheid;

Hij heeft uit de strik de leugen

ons verduisterd hart bevrijd.

 

Jezus is alleen het leven,

't eeuwigblijvend woord van God,

dat in 't hart van dode zondaars

leven wekt en heilgenot.

 

Jezus is het brood des levens,

uit de hemel neergedaald;

Hij schenkt aan de ziele voedsel,

waar geen and're spijs bij haalt.

 

Jezus is de deur der schapen;

wie door Hem naar binnen treedt,

vindt bij Hem getrouw bescherming

tegen ieder dreigend leed.

 

Jezus is de rots der eeuwen,

die geen wank'len vreest of val;

die, wat hier bezwijkt, Gods kind'ren

tot een toevlucht wezen zal.

 

Wilco Vos Veenendaal 08-09-2014