6. Geen mate van genade of van de Geest geeft gegronde aanleiding, dat iemand zich onttrekt aande geloofsdoop.

Dat geen mate van Genade of van den Geest gegronde aanleiding kan zijn om zichzelf van de geloofsdoop te onthouden, zal u helder en duidelijk voorkomen, als u de volgende zaken bij uzelf bedenkt.

 

1. Dat de Doop uit den hemel is, gelijk u lezen kunt in Matth.21:25 ‘De doop van Johannes, vanwaar was die? Uit den hemel of uit de mensen? En zij overlegden bij zichzelven en zeiden: Indien wij zeggen: Uit den hemel, zo zal Hij ons zeggen: Waarom hebt gij hem dan niet geloofd’? Welnu, wat kan ons tegenhouden een hemels gebod te gehoorzamen?

 

2. Dat de Heere Jezus alle genade had en de Geest zonder mate. ‘Want Dien God gezonden heeft, Die spreekt de woorden Gods; want God geeft Hem den Geest niet met mate.’(Joh.3:34). En toch werd de Heere Jezus gedoopt in de rivier de Jordaan. ‘Toen kwam Jezus van Galiléa naar de Jordaan tot Johannes, om van hem gedoopt te worden.’ (Matth.3:13) Is Christus de gelovigen niet een goed voorbeeld tot navolging?

 

3. Dat God nergens den Doop heeft beperkt tot personen, die geringere genade, of weinig van de Geest hebben. Nee, integendeel, heeft God Zijn Geest niet beloofd, opdat u Zijn instellingen houden mocht en ze doen? ‘En Ik zal hun enerlei hart geven, en zal een nieuwen geest in het binnenste van u geven, en Ik zal het stenen hart uit hun vlees wegnemen, en zal hun een vlezen hart geven, Opdat zij wandelen in Mijn inzettingen, en Mijn rechten bewaren en dezelve doen; en zij zullen Mij tot een volk zijn, en Ik zal hun tot een God zijn.’ (Ezech.11:19-20.)

 

4. Dat de Apostel het ontvangen van den Geest als bepaalde reden en aanmoediging tot de doop aangeeft: ‘Kan ook iemand het water weren, dat dezen niet gedoopt zouden worden, welke den Heiligen Geest ontvangen hebben gelijk als ook wij? En hij beval dat zij zouden gedoopt worden in den Naam des Heeren. Toen baden zij hem dat hij enige dagen bij hen wilde blijven.’(Hand 10:47-48). Nu, bedenk eens: de discipelen waren de doop des Geestes zo deelachtig, dat zij met vreemde talen spraken en profeteerden. Bedenk daarbij dat met talen spreken en profeteren een zodanige mate

van de Geest is, welke in onze dagen niet genoten wordt en toch: de apostel gebood dat zij zouden gedoopt worden in de Naam des Heeren.